De Katharen

Hier vind je meer over de vele andere broederschappen en genootschappen die hier in de afgelopen jaren op QFF besproken zijn.
Plaats reactie
Gebruikersavatar
baphomet
Administrator
Administrator
Berichten: 23226
Lid geworden op: za 21 aug 2010, 16:08

zo 23 okt 2011, 16:39

Ik trap op deze Zondagochtend af met wat aandacht voor de Katharen. Waarom? Wel, we hebben al de nodige genootschappen en broederschappen besproken hier op QFF, en daarvan hebben of hadden een aantal, zeer nauwe banden met de Rooms Katholieke kerk... Zo ook de Katharen dus... En nee dan heb ik het niet over een clubje gasten die allemaal last hebben van het feit dat hun haar er uit ziet als het haar van een kat... Maar over een broederschap / genootschap dat evenals de Tempeliers opeens verboden werd door het Vaticaan... Enfin, voor het hele verhaal neem ik U gemakshalve eventjes mee naar hetgeen er over de Katharen te vinden is op Wikipedia... Leest U even mee...???



De Katharen of Albigenzen vormden een religieuze groepering die actief was tijdens de late Middeleeuwen vooral in Occitanië, het zuiden van Frankrijk, Noord-Italië, en — minder bekend — ook in het westen van Duitsland. De Katharen beschouwden zich als de ware christelijke Kerk, waarin Jezus de centrale plaats innam. Op basis van hun dualistische opvattingen wezen ze het Oude Testament af. De God die daar ten tonele wordt gevoerd, is schepper van de (slechte) stoffelijke wereld, de Demiurg, zo leerden zij. De Albigenzen werden als ketters gezien en door de Rooms-katholieke Kerk en door de Franse koningen bloedig vervolgd.

Geschiedenis

Vanaf de tiende eeuw worden zowel de Westerse als de Oosterse Kerken geconfronteerd met een heropleving van gnostische stromingen. Ook het Katharisme vindt zijn oorsprong in deze dualistische geloofsopvattingen zoals de gnostiek, het paulicianisme en de leer van de bogomielen uit Bulgarije. Het bogomilisme ontwikkelde zich in Bulgarije zelfs tot staatskerk. Ook in Occitanië konden de Katharen aanvankelijk uitgroeien tot een echte "tegenkerk". Het toenmalige culturele klimaat in Zuid-Frankrijk dat gekenmerkt werd door pluriformiteit en verdraagzaamheid, speelt daarin een grote rol. Al deze stromingen ondervonden grote tegenstand van de Rooms-katholieke Kerk, ook de Katharen in Zuid-Frankrijk, aanvankelijk zonder succes.

Hun aanwezigheid is eerst in het Rijnland aantoonbaar (Keulen 1143); vervolgens breiden de Katharen zich in de 12e en 13e eeuw vooral in Zuid-Frankrijk en Noord-Italië uit.

In 1145 wordt Bernard van Clairvaux naar Zuid-Frankrijk gestuurd om de Katharen te overtuigen zich terug bij de Katholieke Kerk aan te sluiten. Zijn preken vinden geen gehoor. Hij wordt zelfs enkele malen door de plaatselijke bevolking uitgejouwd. Het zelfde dient gezegd te worden van de prediking in 1206 door Dominicus Guzman, de latere stichter van de Dominicanerorde.

Paus Innocentius III komt tot het besluit dat tegen de Albigenzen krachtiger moest worden opgetreden. In 1209 slaagt hij erin een leger te verzamelen voor een kruistocht naar Occitanië. De Franse koning Filips II Augustus geeft zijn baronnen toestemming om mee te strijden. Hij neemt zelf niet aan de kruistocht deel. Het ontkennen van de autoriteit van de Katholieke Kerk door de Albigenzen, samen met de wereldlijke ambities van de paus en de conflicten tussen de Occitaanse adel en de koning van Noord-Frankrijk zorgden voor de Albigenzische Kruistochten.

Aanvankelijk staat het leger onder opperbevel van Arnaud Amaury, abt van de abdij van Citaux. Onder zijn leiding wordt in juli 1209 de volledige bevolking van Béziers uitgemoord, volgens hemzelf en toenmalige kronieken 20.000 mensen. Aan hem wordt de uitspraak toegeschreven 'Doodt hen allen, God zal de zijnen herkennen'. Dat zou zijn antwoord zijn geweest op de vraag, voorafgaand aan het bloedbad van Béziers, hoe men goede katholieken kon onderscheiden van Katharen. In juli 1210 worden in Minerve 140 Katharen levend verbrand. Het is de eerste massale verbranding van Katharen. Later — en nadat andere edelen uit het kruisvaardersleger geweigerd hadden — neemt Simon de Montfort, een lage edelman uit Noord-Frankrijk, de militaire leiding op zich. Met Simon de Montfort wordt de kruistocht een echte veroveringsoorlog en wordt de inbreng van de Kerk naar het tweede plan verschoven. De godsdienstkwestie verdwijnt hiermee naar de achtergrond. In juni 1215 verovert Simon de Montfort Toulouse en kan hij zich meester van Zuid-Frankrijk noemen. In november 1215 bevestigt het Vierde Lateraans Concilie de overwinning van de Montfort; hij krijgt de titel van graaf van Toulouse. Hij sneuvelt echter in 1218. De verdreven edelen, de faidits, komen op aansporen van Raymond VII, de zoon van de verdreven graaf Raymond VI van Toulouse, in opstand en verdrijven de kruisvaarders in 1223. Op 15 januari 1224 verlaat Amaury de Montfort, zoon van Simon de Montfort, met de laatste kruisvaarders Carcassonne. Door deze ‘Albigenzenoorlog’ waren mogelijk een miljoen mensen — Katharen, Waldenzen en zelfs vele katholieken — om het leven gekomen.

In 1226 lukte het paus Honorius III de Franse koning Lodewijk VIII, bijgenaamd Lodewijk de Leeuw, te overtuigen zelf een kruistocht te leiden. Zijn vader had dit steeds geweigerd. Dankzij ingenieuze propaganda ontvangen de faidits de koning welwillend. Lodewijk VIII overlijdt echter het zelfde jaar en het leger van de koning wordt uit Occitanië verdreven.

De nieuwe koning Lodewijk IX van Frankrijk, de Heilige Lodewijk, is nauwelijks twaalf jaar als hij zijn vader opvolgt. Zijn moeder Blanca van Castilië treedt op als regentes. Zij heeft aanvankelijk weinig belangstelling voor een nieuwe kruistocht.

In 1243 start toch een derde kruistocht tegen de Albigenzen. Château de Montségur, het bekendste bolwerk van de Katharen, valt in 1244. 215 parfaits worden verbrand op de brandstapel. Met de verovering van Montségur zijn de hoogtijdagen van het Katharisme over. Hoewel Monségur vaak als het laatste bolwerk van de Katharen wordt voorgesteld, was het dat niet. Pas meer dan 10 jaar later, in 1255, valt het echte laatste katharenkasteel: Quéribus.

Het Katharisme gaat ondergronds na de val van Montségur en als nieuw strijdmiddel tegen de Katharen wordt door de Rooms-katholieke Kerk de inquisitie opgericht. Het zal daarna echter nog 80 jaar duren voor ook de laatste Kathaarse parfait is verbrand.

In 1232 heeft paus Gregorius IX bevel gegeven aan de Dominicanen om de taak van de inquisitie op zich te nemen. Deze inquisitie gaat na de val van Montségur de hoofdrol spelen in de vervolging van de Albigenzen. Wat resteerde van parfaits en croyants wordt opgeruimd. Dit gaat door tot het begin van de 14e eeuw, toen Jacques Fournier, de bisschop van Pamiers, de latere Paus Benedictus XII, in en rond Montaillou de laatste Katharen opspoorde.

Guillaume Bélibaste (geb. 1280) geldt als de laatst verbrande Kathaarse parfait. Hij werd op de brandstapel gezet in 1321 in Villerouge-Termenès. In dit plaatsje is nu met geldelijke steun van de Europese Gemeenschap een museum opgericht dat geheel aan hem en het Katharisme is gewijd.

Katharen en manicheïsme

De rooms-katholieke Kerk beweerde in de tijd van de Katharenvervolging dat de Katharen manicheeërs waren, en katholieke geschiedschrijvers betitelen middeleeuwse ketters dikwijls zonder onderscheid als "manicheïsche sekten". Mani of Manes was de derde-eeuwse stichter van een fusiereligie waarin Perzisch zoroastrisme en boeddhisme werden versmolten met het gnosticisme. Kerkvader Augustinus, die zelf een tijdje manicheeër was geweest, had een soort determinatietabellen van ketterijen opgesteld, met daaronder het manicheïsme. Van alle ketterijen vond Augustinus het manicheïsme het meest verwerpelijk. En alleen van deze ketterse stroming moesten volgens hem de aanhangers gedood worden. De rooms-katholieke Kerk beriep zich hierop en verleende het doden van Katharen hierdoor een vanuit hun standpunt rechtsgeldige status. In veel literatuur wordt tegenwoordig geconcludeerd dat er geen verband was tussen de Katharen en het door Augustinus beschreven manicheïsme.

Culturele achtergrond In Occitanië golden ten tijde van het katharisme drie kernwaarden:

pretz': respect, edelmoedigheid, opkomen voor zwakkeren;
paratz: gelijkwaardigheid;
convivenzia: verdraagzaamheid; respect voor de meningen van anderen.

Deze begrippen waren belangrijk in het leven in deze streek in die kathaarse tijd. Ook zijn hier de liederen terug te vinden die als onderwerp de "hoofse liefde" hebben. Troubadours waren geliefde gasten op de kastelen om liederen te zingen en verhalen te vertellen. In deze streek en tijd zijn ook zeer geavanceerde muziekinstrumenten ontstaan die nu nog te zien zijn in het kasteel Puivert bij de gelijknamige plaats. De techniek kwam niet uit de lucht vallen: in Occitanië kwamen vele volkeren met hun verschillende culturen en gebruiken vreedzaam bijeen wat een levendige en zeer welvarende handel tot gevolg had. Deze welvaart van de Occitaanse edelen was de Noord-Franse edelen een doorn in het oog. Niet uit te sluiten is dat hun deelname aan de diverse kruistochten tegen de katharen ook ingegeven werd door deze jaloezie en hebzucht. De vele ontmoetingen met verschillende volkeren en culturen brachten uiteraard niet alleen economische maar ook technische vooruitgang. Ook opvallend was de rol van de vrouw in deze samenleving. Zij was zeker niet ondergeschikt aan de man en kon ook aangesteld worden als parfait.

Naamgeving

Degenen die wij tegenwoordig gewoonlijk 'Katharen' noemen, kenden zelf dat woord niet eens en gebruikten het dus ook niet om zichzelf daarmee aan te duiden. Zijzelf noemden zich gewoonweg christenen of "vrienden van God". In de kronieken van de tijdgenoten van de Katharen en in de inquisitieverslagen werden ze Albigenzen genoemd, naar de stad Albi. (Deze term werd dikwijls ook veralgemeend gebruikt voor alle 'ketters' in die streek, inclusief de Waldenzen.) In Italië stonden ze als Patarenen bekend, en in de volksmond werden ze bonhommes of bonnefemmes genoemd, de "goede mannen", "goede vrouwen", en dat als contrast met de vertegenwoordigers van de Rooms-katholieke Kerk.

Halverwege de 12e eeuw komt het woord "Kathaar" voor de eerste keer voor in een preek van de Duitse monnik Eckbert von Schönau. Hij heeft het dan over christenen in het Rijnland die afgeweken zijn van de rechte leer. Een halve eeuw later wordt dat woord ook gebruikt buiten Duitsland in geschriften van tegenstanders van hun afwijkende leer. Gebruik in de toenmalige Languedoc is niet teruggevonden. Alain de Lille, een katholieke theoloog, schreef in "De Fida Catholica" ("Over het katholieke geloof", Montpellier, 1200) onder meer (met een duidelijk foutieve etymologie): "Men noemt ze Katharen van catus (kat) omdat ze het achterste van een kat kussen..." Katten werden geassocieerd met satanisme. In het Rijnland en ook in de Lage Landen werd een kat gezien als de verpersoonlijking van Satan.

In 1848 schrijft Charles Schmidt, een Elzasser, de "Geschichte der Valdesier und Katharer"; in het Frans wordt de titel "Histoire et doctrine de la secte des Cathares ou Albigeois" (1848). Pas daarna het algemeen gebruikelijk om de Albigenzen 'Katharen' te noemen.

Hoewel Augustinus een Afrikaanse manicheïsche sekte beschrijft waarvan de aanhangers zich katharoi" of "zuiveren" noemden, leefden deze in de vierde eeuw. Er is geen enkele historische aanwijzing dat de Albigenzen zelf het woord "katharos" of "katharoi" als een positieve aanduiding voor hun aanhangers gebruikten.

Het woord kathaar op zich stamt echter wel van het Griekse woord katharós (???????), zuiver, terwijl het Nederlandse woord ketter (Duits: Ketzer) op zijn beurt stamt van kathaar (via het middellatijnse Cathari).

Evenmin zouden de Kathaarse geestelijken zichzelf parfaits of "volmaakten" genoemd hebben, maar gewoon "christenen" of "ware christenen". Het Franse woord "parfait" is afkomstig van de inquisitie. Iemand die het consolamentum had ontvangen, werd door de inquisitie een "volmaakte ketter" genoemd, in het Latijn "hereticus perfectus", later ingekort tot "perfectus" of "parfait”. De term "parfait" is dus een aanduiding van de inquisitie, en niet van de Katharen zelf.

Beginselen van de leer

De Kathaarse leer is gnostisch van oorsprong. Zoals de andere gnostici zijn de Katharen dualisten, ze gaan er van uit dat er "twee scheppingen" bestaan: de goede, geestelijke schepping en de slechte, stoffelijke schepping. Hun visie is dat de wereld zoals wij die kennen slechts een schijnwereld is. Alle stoffelijke zaken zijn vernederend voor het goddelijke dat in iedere mens aanwezig is. Om die reden verwierpen zij dat Jezus in het vlees was gekomen. De Katharen kennen zowel een goede als een slechte God. De slechte god was JHWH, de god van het Oude Testament, die de wereld geschapen had en de geesten had gevangen in stoffelijke lichamen, ze vulde met ellende en lijden. De goede god was de God van Jezus, die liefde predikte. Hoewel de Katharen dikwijls aanhalingen uit de Bijbel deden, bezagen zij de Schrift voornamelijk als een bron van allegorieën en fabels. De Katharen verwierpen de leer van Jezus’ loskoopoffer: het was voor hen volstrekt ondenkbaar dat God zijn eigen zoon naar de aarde zou sturen om door zijn lijden en dood de mensen te verlossen. Het kruis is voor hen een verwerpelijk martelwerktuig waarmee gepoogd werd de missie van Christus te doen mislukken. Zijn missie was de Boodschap brengen.

Volgens het Kathaarse geloof was redding niet afhankelijk van het loskoopoffer van Jezus Christus, maar veeleer van het consolamentum (zie onder). De eucharistie is voor de Katharen geen sacrament. Zij kennen wel de zegening van het brood bij het begin van de maaltijd (als herinnering aan de missie van Christus), maar ze verwerpen zonder meer het idee van de transsubstantiatie waarbij Christus aanwezig zou zijn in de hostie. Het is voor hen ondenkbaar dat God zich in zoiets laags en stoffelijks als een stuk brood zou manifesteren. De Katharen geloofden in de onsterfelijkheid van de ziel en in reïncarnatie. Tevens baseerden zij hun geloofsopvattingen op apocriefe teksten. Niettemin hebben de Katharen voor zover zij gedeelten van de Schrift in de volkstaal hebben vertaald, in de middeleeuwen de Bijbel in zekere mate tot een beter bekend boek gemaakt.

De Katharen kenden drie niveaus van toegang tot de leer:

Een chrétien ontving, na een noviciaat, het consolamentum ontvangen. Dit was het enige sacrament voor de Katharen. Het was een vorm van inwijding in de Heilige Geest en gebeurde door handoplegging. Hierdoor werd de goddelijke geest in de mens in contact gebracht met de Heilige Geest, waardoor de mens in staat werd zijn goddelijke oorsprong te ervaren. Na het consolamentum moest hij leven volgens een strikte regel. Deze regel was ascetisch van aard: verbod om dierlijk voedsel te eten en het gebod om een evangelische moraal te beoefenen: verbod om te vloeken, te liegen en te doden. Het "consolamentum" kon pas ontvangen worden op volwassen leeftijd; de Katharen meenden dat dit bewust moest gebeuren, in alle vrijwilligheid. Voor degenen die aldus waren gereinigd, zou de dood een verlossing van de materie teweegbrengen.
Een croyant geloofde in de juistheid van de Kathaarse leer, maar onderging geen wijding. De Kathaarse Kerk legde de croyant geen enkel gebod of verbod op. Dat bracht de roomse Kerk ertoe de Katharen laksheid te verwijten. De stervenden konden een vereenvoudigde vorm van het consolamentum ontvangen.
Een auditeur was diegene die niet geloofde in de Kathaarse leer, maar er wel welwillend tegenover stond. De meeste Occitaanse faidits (edelen) waren auditeurs.

Kinderen die stierven hadden het consolamentum niet ontvangen. Toch konden ook zij volgens de Katharen de hemel bereiken; door reïncarnatie kregen ze een tweede kans.

Het Katharisme is niet te beschouwen als een stroming — zeker niet in Occitanië — maar als een (gnostische) godsdienst. In het gnosticisme — dus ook in de Kathaarse godsdienst — was er geen plaats voor de Kerk als plaatsvervanger voor God op Aarde. Integendeel: een ieder droeg de "goddelijke vonk" in zichzelf en had de plicht om anderen daarvan op de hoogte te brengen. Ook het lijden van Christus aan het kruis en het kruis zelf werd door de Katharen niet gevolgd. Daarmee werd de centrale machtspositie van de Kerk in de samenleving door de katharen op het spel gezet. De Kerk beschouwde dit zowel als een aanval op de na te streven eenheid, en als een bedreiging voor haar overheersende positie in de christelijke godsdienst. Daarom was de vervolging door de Rooms-katholieke Kerk ook zo fel: er werden kruistochten georganiseerd met de opzet om deze godsdienst uit te roeien, en toen dat met geweld niet lukte werd speciaal voor de vervolging van de Katharen de kerkelijke inquisitie opgericht en geïnstitutionaliseerd. Deze inquisitie heeft meer dan honderd jaar lang in Occitanië onderzoeken, verhoren en martelingen uitgevoerd waaraan de vervolgden stierven, langdurig de gevangenis in gingen of gebrandmerkt werden door het dragen van een geel insigne. Hiermee werd bewerkstelligd dat een opkomende gnostische godsdienst werd vernietigd.

Tja... Interessant clubje die Katharen... Ook op Youtube is er wel het een en ander te vinden over de Katharen... Kijkt U even mee...???







Hieronder in de comments kan het wat mij betreft verder gaan...
1119 AD
De volgende gebruiker(s) zeggen bedankt: NoMore
Omhoog
Gebruikersavatar
Dromen
Administrator
Administrator
Berichten: 5033
Lid geworden op: za 21 aug 2010, 06:38

zo 23 okt 2011, 17:59

Mooi onderwerp!

Maar dit is wel héél erg basic-info toch?!

http://www.google.nl/#sclient=psy-ab&hl ... .osb&cad=b
Gebruikersavatar
baphomet
Administrator
Administrator
Berichten: 23226
Lid geworden op: za 21 aug 2010, 16:08

zo 23 okt 2011, 18:53

Doe ik wel vaker toch? link hier en daar nog naar toe zelfs...
1119 AD
Gebruikersavatar
baphomet
Administrator
Administrator
Berichten: 23226
Lid geworden op: za 21 aug 2010, 16:08

zo 23 okt 2011, 18:55

Ik zeg nota bene nog, hieronder in de comments kan het verder... Dus je mag het gewoon aanvullen hoor Dromen...
1119 AD
De volgende gebruiker(s) zeggen bedankt: Dromen
Omhoog
Gebruikersavatar
NoMore
Super QFF-er
Super QFF-er
Berichten: 814
Lid geworden op: di 16 aug 2011, 21:10

zo 09 okt 2016, 13:54



Gebruikersavatar
NoMore
Super QFF-er
Super QFF-er
Berichten: 814
Lid geworden op: di 16 aug 2011, 21:10

zo 25 mar 2018, 12:11

De katharen of Albigenzen vormden een religieuze beweging die zich vanaf het midden van de twaalfde eeuw over een groot gedeelte van West-Europa verspreidde. Ze werden door de Katholieke Kerk vanwege hun afwijkende ideeën als ketter beschouwd. De door paus Innocentius III en vazallen van de Franse koning Filips II Augustus georganiseerde Albigenzische Kruistochten tegen de in het zuiden van Frankrijk invloedrijke katharen leidden tot de val van de belangrijke stad Carcassonne. De katharen trokken zich als gevolg daarvan terug in afgelegen bergvestingen die voor hun belagers, de kruisvaarders, moeilijk te bereiken en nauwelijks te veroveren waren. De vijandelijkheden gingen na de overgave van Carcassonne nog zo'n twintig jaar door. Ten slotte raakten de katharen met Peyrepertuse in 1240, Montségur in 1244 en Quéribus en Puilaurens in 1255 hun belangrijkste bolwerken kwijt....

https://nl.wikipedia.org/wiki/Burchten_van_de_katharen
.
.
.
Een schutter heeft vrijdag een aanslag gepleegd op vier politieagenten in de Zuid-Franse stad Carcassonne. Na de aanslag heeft de man zich in een supermarkt in het nabijgelegen Trèbes verschanst en meerdere mensen gegijzeld. Er zijn drie doden gevallen.

https://www.nu.nl/buitenland/5190821/dr ... krijk.html
De volgende gebruiker(s) zeggen bedankt: Toxopeus
Omhoog
Plaats reactie

Terug naar “Broederschappen Algemeen”